Speekselreactie op training bij jonge professionele voetballers
(Lees volledige publicatie door te klikken op de titel)
Gezamenlijk onderzoek ACTA, SportsInjuryLab & Universiteit Gent(B).
Gepubliceerd: 27 februari 2026 in British Dental Journal Volume 240 No 4 [Sports Dentistry]
ABSTRACT
Doelstelling Speeksel is een veelbelovende lichaamsvloeistof voor het bestuderen van de fysieke conditie en de mate van blessuregevoeligheid. Deze studie onderzocht of de samenstelling van speeksel verandert na intensieve training bij professionele voetballers.
Materialen en methoden Speeksel werd verzameld als mondspoeling bij professionele voetballers van twee Belgische U21teams (n = 36) vóór en na een reguliere training van 2,5 uur. Cortisol, ammonium, α-amylase-activiteit en lactaat werden bepaald als biomarkers voor stress en vermoeidheid. Andere biomarkers waren onder andere eiwitconcentratie, protease-activiteit, secretoire immunoglobuline A (sIgA), MUC5B en de elektrolyten natrium, kalium, calcium en magnesium. De concentraties van de biomarkers werden bepaald met behulp van standaard laboratoriummethoden en de relatieve concentraties (mg/mg eiwit) werden berekend.
Resultaten: Cortisol ( p < 0,001), ammonium ( p = 0,012), MUC5B ( p = 0,002), protease-activiteit ( p < 0,001) en natrium ( p = 0,002) waren significant verhoogd na de training. Bovendien waren de relatieve concentraties van MUC5B ( p = 0,002), sIgA ( p = 0,006) en protease-activiteit ( p < 0,001) ook significant verhoogd. Voetballers vertoonden een hoge incidentie van cariës, bloedingen bij sondering, tandslijtage en een verhoogde parodontale pocketdiepte.
Conclusies: Voetbaltraining leidt tot verhoogde cortisol- en ammoniumspiegels in het speeksel en verandert zowel de eiwit- als de mineraalsamenstelling van het speeksel. Bovendien vertoonden jonge professionele voetballers een suboptimale mondgezondheid. Het is nog niet duidelijk hoe veranderingen in de speekselsamenstelling de mondgezondheid en de algehele gezondheid beïnvloeden.
Speeksel(psycho)fysiologie is een snelgroeiend vakgebied en de tijd lijkt rijp voor meer methodologische studies in deze richting teneinde de discipline binnen het sportgeneeskundig arsenaal te kunnen incorporeren.